Een ecosysteem voor ondernemers en welvaart
Intussen bij de collega’s
Dirk Selis
Hoe blijft Limburg economisch sterk in een snel veranderende wereld? Die vraag staat centraal in het economisch beleid van de provincie voor deze legislatuur. Samen met POM Limburg werkt het provinciebestuur aan een geïntegreerde strategie die stadskernen versterkt, ondernemers ondersteunt en Limburg steviger verankert in Europa en de Euregio. Het doel is helder: een economie uitbouwen die lokaal geworteld is, maar tegelijk kansen grijpt over de grens heen. “We bouwen aan een ecosysteem voor ondernemerschap en welvaart”, zegt Bruno Bamps, Directeur Ondernemen bij de Provincie Limburg.
“We merken al een tijdje dat de leegstand in de Limburgse steden stelselmatig toeneemt”, steekt professor Retail Management Gino Van Ossel van de Vlerick Business School van wal. “In Limburg kan alleen Hasselt een voldoende winkelaanbod uitbouwen waarvoor mensen van buitenaf een dagje afzakken. Ook Sint-Truiden en Genk beschikken over een voldoende ruim en aantrekkelijk winkelaanbod, al blijft hun regionale aantrekkingskracht beperkter. In alle andere Limburgse steden is het winkelaanbod simpelweg te klein.”
Die analyse vraagt nuance. Limburg beschikt vandaag over een opvallend grote totale winkelvloeroppervlakte. De leegstand is daardoor in belangrijke mate te verklaren door een structureel overaanbod op provinciaal niveau, gecombineerd met een gemiddeld beperktere koopkracht. Het gaat dus minder om een gebrek aan aantrekkingskracht, dan om een evenwichtsoefening tussen schaal, vraag en ruimtelijke spreiding. Dat blijkt ook uit de koopstromencijfers voor kleding en mode. Daar noteert Limburg een koopattractie van 18,3 procent. Met andere woorden: bijna één vijfde van de bestedingen in die sector komt van consumenten van buiten de provincie. Na Vlaams-Brabant scoort Limburg daarmee het hoogst in Vlaanderen. Voor mode en kleding vinden shoppers dus duidelijk hun weg naar Limburg.
Volgens Bruno Bamps is het daarom tijd om het debat minder zwart-wit te voeren. “Onze steden hebben absoluut commerciële troeven. Maar we moeten eerlijk zijn over schaal en positionering. Niet elke stad moet een shoppingbestemming zijn. Wat wél kan, is elke kern versterken vanuit haar eigen DNA. Het centrum van morgen is geen pure winkelstraat meer. Het wordt een plek waar ondernemen, wonen, cultuur, ontspanning en ontmoeting in elkaar overvloeien.”
‘Het centrum van morgen is geen pure winkelstraat meer. Het wordt een plek waar ondernemen, wonen, cultuur, ontspanning en ontmoeting in elkaar overvloeien.’
Bruno Bamps, Directeur Ondernemen bij Provincie Limburg
Stadsvernieuwing zonder handrem
Die identiteit, het DNA van elke stad of gemeente, vormt het vertrekpunt van het provinciale handelsbeleid. Met het Ruimtepact 2040 wil Limburg vermijden dat winkels overal verspreid opduiken en de focus opnieuw leggen op sterke winkelstraten. Concreet wil Limburg sneller bepalen waar winkels geconcentreerd worden, waar handel beter verdwijnt en waar winkels buiten het centrum plaats moeten ruimen omdat ze de stadskern onder druk zetten. Je kan simpelweg geen levendige stadskern bouwen terwijl je tegelijk aan de rand een winkelstrip blijft voeden. Dat is stadsvernieuwing met de handrem op. Als antwoord hierop zullen gemeenten met steun van de provincie Limburg, concrete studie- en planningsopdrachten kunnen uitwerken rond drie centrale thema’s: beleving, verweving en omgeving. Daarbij krijgen lokale besturen niet alleen beleidsadvies, maar ook een ruimtelijke vertaling die meteen toepasbaar is in hun lokale context.
Kristof Santermans, Clustermanager Economie bij de Provincie Limburg, benadrukt dat deze aanpak verder gaat dan klassieke ruimtelijke ordening. “Het draait om leefkwaliteit. Stadskernen moeten opnieuw plekken worden waar mensen graag verblijven, niet alleen passeren. Dat vraagt een combinatie van ondernemerschap, aantrekkelijke publieke ruimte, wonen, cultuur en lokale dienstverlening. Enkel zo creëer je duurzame stedelijke dynamiek.”
Daarnaast versterkt de provincie het lokale handelsweefsel via publiekscampagnes zoals ‘Maand van de Markt’ en ‘Ik koop lokaal’. Die initiatieven zetten handelaars, horeca en markten in de kijker, stimuleren lokaal koopgedrag en helpen koopvlucht naar omliggende regio’s afremmen. “Wie lokale handel herleidt tot enkel economie, mist de kern”, zegt Santermans. “Het gaat ook over samenleven en wie je als stad wilt zijn.”
Brusselse bubbel
Die lokale verankering gaat hand in hand met een uitgesproken Europese strategie. Voor veel Limburgse ondernemers blijft Europa een kluwen van regelgeving, subsidies en instellingen. Toch liggen daar belangrijke kansen op het vlak van innovatie, digitalisering, duurzaamheid en internationale markttoegang. Daarom zet de provincie sterk in op begeleiding, matchmaking en netwerking, zodat meer Limburgse bedrijven aansluiting vinden bij Europese projectconsortia. “Europa is geen verre Brusselse bubbel, maar een netwerk van kansen dat ook Limburg vooruithelpt”, stelt Santermans. “Slim gebruik van Europese middelen maakt bedrijven innovatiever, sterker en zichtbaarder, niet het minst in hun eigen regio.”
De hernieuwde erkenning van Europe Direct Limburg speelt daarin een sleutelrol. Via dit Europese informatie- en documentatiecentrum wil de provincie ondernemers, onderwijsinstellingen en burgers nauwer betrekken bij Europese thema’s. In samenwerking met de Limburgse werkgeversorganisaties en kennis- en onderwijsinstellingen PXL, UCLL en UHasselt wordt ingezet op kennisdeling, opleiding en bewustmaking rond Europese opportuniteiten. Tegelijk ondersteunt de provincie Limburgse ondernemingen die geconfronteerd worden met Europese regelgeving rond milieu, rapportering en duurzaamheid. “Die verplichtingen zijn uitdagend, zeker voor kmo’s, maar ze vormen ook een hefboom voor innovatie en toekomstgerichte bedrijfsmodellen, op voorwaarde dat bedrijven tijdig en correct worden begeleid”, aldus Bruno Bamps.
Grensoverschrijdende samenwerking
Naast Europese programma’s blijft ook grensoverschrijdende samenwerking een strategische prioriteit voor de provincie Limburg. De historische band met Nederlands Limburg, de samenwerking binnen de Euregio Maas-Rijn en de relaties met partners in Duitsland en Wallonië bieden Limburg toegang tot een economisch netwerk dat zich uitstrekt van de Noordzee tot Nordrhein-Westfalen.
Limburg ligt middenin de economische corridor die loopt van de Noordzee tot het Ruhrgebied. Via innovatiefondsen zoals Crossroads en STIPP worden Limburgse ondernemingen actief gekoppeld aan buitenlandse bedrijven en onderzoekscentra. Daardoor ontstaan nieuwe productontwikkelingen, internationale partnerschappen en schaalvoordelen. Het Small Project Fund ondersteunt daarnaast scholen, verenigingen en maatschappelijke organisaties die grensoverschrijdende initiatieven willen opzetten rond cultuur, onderwijs, klimaat, gezondheid en burgerparticipatie.
Sinds november 2025 neemt Limburg bovendien het voorzitterschap op zich van de EGTS Euregio Maas-Rijn. Dat voorzitterschap wil de provincie benutten om samenwerking rond economie, arbeidsmarkt, opleiding en innovatie te verdiepen. Het meest sprekende voorbeeld van die Euregionale ambitie is de Einsteintelescoop. “Dat project toont hoe gezamenlijke investeringen kunnen uitgroeien tot internationale hefboomprojecten met wetenschappelijke, technologische én economische impact”, zegt Bruno Bamps. “Het bewijst dat Limburg kan meespelen op het hoogste Europese niveau wanneer regio’s de krachten bundelen.”
‘Wie slim inspeelt op Europese programma’s, vergroot zijn innovatievermogen, versterkt zijn concurrentiekracht en bouwt internationale netwerken uit die ook lokaal renderen.’
Kristof Santermans, Clustermanager Economie bij Provincie Limburg
15 maatwerkbedrijven, 3.200 jobs
Naast internationale groei blijft ook sociale inclusie een fundamentele pijler van het Limburgse economische beleid. De provincie ondersteunt de Vlaamse ambitie van een werkzaamheidsgraad van 80 procent door extra in te zetten op mensen met een grotere afstand tot de arbeidsmarkt. Arbeidszorginitiatieven bieden hen een gestructureerde opstap naar betaald werk, terwijl samenwerking tussen sociale en reguliere economie actief wordt gestimuleerd. Vandaag telt Limburg vijftien maatwerkbedrijven die samen goed zijn voor 3.200 jobs en een toegevoegde waarde van 88 miljoen euro realiseren. In Limburg wordt inclusie niet gepredikt, maar geproduceerd. Met een provinciaal investeringsfonds van 2 miljoen euro wil Limburg hun infrastructuur en technologie versneld moderniseren. “Door in te zetten op digitalisering, automatisering en duurzaamheid tillen we deze bedrijven naar een hoger niveau”, stelt Bruno Bamps. “Dat vergroot hun economische slagkracht en biedt tegelijk nieuwe perspectieven voor kwetsbare doelgroepen. Dit is geen technologische luxe, maar sociale noodzaak: moderniseren om niemand achter te laten.”
Nostalgie is geen strategie
Wat al deze beleidslijnen verbindt, is de keuze voor samenhang. Stadskernen, Europese samenwerking en arbeidsmarktbeleid worden niet los van elkaar bekeken, maar als schakels in één economisch ecosysteem. De provincie kiest bewust voor een geïntegreerde aanpak waarin ruimtelijk beleid, ondernemerschap, innovatie en sociale inclusie elkaar versterken. “We bouwen aan een economie die lokaal verankerd is, internationaal verbonden blijft en sociaal gedragen is”, besluiten Santermans en Bamps. “Dat is geen vrijblijvende ambitie, maar een noodzakelijke strategie om Limburg toekomstbestendig, veerkrachtig en competitief te maken in een snel veranderende wereld.”
Abonneer je op POMblad!
POMblad in de toekomst ontvangen? Laat dan hieronder je gegevens achter.
Abonneren is gemakkelijk en gratis.
Na het achterlaten van je gegevens krijg je POMblad elke zes maanden automatisch in de brievenbus.